In de beginjaren van mijn onderwijscarrière, ging ik altijd mee op excursie aan het einde van het schooljaar. We gingen dan kamperen bij een grote stad, bijvoorbeeld Parijs. Het was altijd een heel gesleep met spullen, het moest allemaal in de bus, maar wij van de leiding namen dan toch ook een stoeltje mee. Voor mijn verjaardag, kreeg ik van wat collega’s deze regisseursstoel, om mee te nemen op excursie. Mijn naam op de rugleuning is bijna weggevaagd, maar was erop geschreven door een collega beeldende vorming. Van hem moet ik ook nog ergens, een met de handgeschreven recept van salade ‘Le Tremblay’, hebben. Een zelfbedacht recept voor een salade, makkelijk door leerlingen te maken op een camping, genoemd naar de camping waarop we hem gemaakt hebben. Er moest in ieder geval maïs en perzik uit blik in.
Ik ben nu, wegens aankomende isolatiewerkzaamheden, de zolder aan het opruimen. Die stoel ligt er, maar ik vond ook nog verslagen van leerlingen uit de jaren ´90, die ze na afloop van een excursie naar Parijs hadden moeten maken. Wat opviel was hun keurige, goed leesbare handschrift, zelfs op papier zonder lijntjes! Een verademing in vergelijking met de handschriften van tegenwoordig!
Mijn eigen handschrift is trouwens ook niet meer wat het was. Op het witte bord doe ik nog mijn best, maar de leerlingen hebben eigenlijk liever, dat ik alles op het digitale bord typ. Ik wil echter dat leerlingen handschriften kunnen blijven lezen en gebruiken. Ze moeten bij uitval van digitale middelen, zelf de regie over hun leven kunnen gaan voeren.
Staan pen en papier ook op de lijst van het noodpakket? Ik ben in ieder geval blij, dat volgens het laatste nieuws, pen en papier weer zijn teruggekeerd naar sommige collegezalen.









































